Het faillissementsrecht verandert

Geplaatst op:4 oktober 2017

Op 1 januari 2018 verandert de Faillissementswet. De wijzigingen komen voort uit het programma ‘Herijking Faillissementsrecht’ en dienen een aantal doelen. De wetgever wil het reorganiserend vermogen van ondernemingen in financiële problemen versterken, waardoor faillissementen zo veel mogelijk worden voorkomen. Daarnaast wil de wetgever in geval van een onafwendbaar faillissement de afwikkeling ervan sneller, efficiënter en transparanter (‘moderner’) laten verlopen én fraude zo veel mogelijk kunnen bestrijden.

Wat verandert er?

Op 1 januari 2018 worden verschillende wijzigingen ingevoerd. Het gaat dan zowel om nieuwe maatregelen ter voorkoming van een faillissement, als om nieuwe mogelijkheden in het zicht van een (onafwendbaar) faillissement. Daarnaast wijzigt er één en ander in geval van een faillissement.

Nieuwe maatregelen ter voorkoming van een faillissement

1)  Ondernemingen in financiële problemen kunnen de rechter vragen om een stille bewindvoerder te benoemen. De stille bewindvoerder geeft de noodlijdende onderneming advies en begeleiding in de omgang met schuldeisers. Om een faillissement te voorkomen helpt de stille bewindvoerder de onderneming bij het vinden van een oplossing voor de financiële problemen.
2)  Ondernemingen in financiële moeilijkheden mogen een akkoord sluiten met schuldeisers en aandeelhouders, als zij daarmee problematische schulden herstructureren en een faillissement kunnen voorkomen. Zij kunnen deze overeenkomst laten goedkeuren door de rechter. Door deze goedkeuring (‘homologatie’ genoemd) is het akkoord verbindend voor alle betrokken schuldeisers en aandeelhouders. Schuldeisers of aandeelhouders die niet hebben gestemd, of niet met het akkoord hebben ingestemd, kunnen daardoor toch aan het akkoord worden gebonden. Ook buiten faillissement wordt daarmee een zogenaamd dwangakkoord mogelijk.
Deze maatregel is bedoeld voor ondernemingen die wel rendabele bedrijfsactiviteiten hebben, maar vanwege een te zware schuldenlast toch failliet dreigen te gaan. De maatregel beoogt het reorganiserend vermogen van de onderneming te versterken en te voorkomen dat een kleine groep schuldeisers of aandeelhouders een herstructurering blokkeert en daarmee de belangen van de andere bij de onderneming en herstructurering betrokken partijen (waaronder andere schuldeisers, of werknemers) schaadt.
De wetgever ziet een dergelijk dwangakkoord wel als uiterste redmiddel. Van de onderneming wordt eerst verwacht dat hij via minnelijke weg probeert om met al zijn schuldeisers en aandeelhouders tot een akkoord te komen. Pas als dit niet lukt komt een dwangakkoord in beeld.

Nieuwe mogelijkheid in het zicht een faillissement

Een pre-pack wordt overal wettelijk mogelijk. Een pre-pack is mogelijk in gevallen waarin een faillissement onafwendbaar is, maar waarbij de onderneming op termijn nog levensvatbaar is. Door gebruik te maken van een pre-pack is de kans op een doorstart of verkoop van een onderneming direct na een faillissement groter. Daarmee kan de schade door faillissement worden beperkt. Leveranciers zullen blijven leveren en personeel kan in het algemeen blijven doorwerken.
Bij een pre-pack maakt de rechter aan de noodlijdende onderneming nog voor faillissementsdatum bekend wie de curator wordt. De ondernemer kan dan met de toekomstig curator (dan nog ‘stille bewindvoerder’ genoemd) een eventuele doorstart na het faillissement voorbereiden. Bekende voorbeelden van pre-packs zijn die van kinderopvangorganisatie Estro, McGregor en Neckermann.
Een aantal rechtbanken experimenteert momenteel met de pre-pack. Vanaf 1 januari 2018 zal de pre-pack procedure landelijk worden ingevoerd.

Nieuwe regels in geval van een faillissement

1)   De faillissementsprocedure wordt eenvoudiger en transparanter. Bijvoorbeeld door meer en beter gebruik te maken van de mogelijkheden om digitaal te werken, zowel door de curatoren als door rechtbanken. Het idee hierachter is dat de afwikkeling van een faillissement daarmee ook goedkoper kan, en er dus meer geld overblijft voor de schuldeisers.
2)   De curator krijgt een sterkere informatiepositie. De bestuurder van de failliete onderneming krijgt namelijk een algemene informatie- en medewerkingsplicht tegenover de curator. Daarnaast wordt de aanpak van faillissementsfraude aangescherpt. Fraudebestrijding wordt namelijk een wettelijke taak van de curator. Als de curator mogelijke onregelmatigheden in een faillissement ziet, dan moet hij dat melden bij de rechter-commissaris.

Heeft u vragen?

Let op: De ingangsdatum van deze (wets)wijzigingen is nog niet definitief. Het wetsvoorstel over pre-pack worden in het najaar nog door de Eerste Kamer behandeld.
Heeft u vragen over deze wetswijzigingen? De specialisten faillissementsrecht van Schravenmade hebben veel ervaring op het gebied van herstructureringen en faillissementen. Neemt u gerust contact met ons op, wij staan voor u klaar.
 
Auteur: Jojanneke Schravenmade

Elke werkdag bereikbaar
Stel uw vraag

E-mail specifieke vragen
info@Schravenmade.nl
Bel ons voor al uw vragen: 
0346-55 47 03

Contactinformatie

Bisonspoor 1218
3605 KZ Maarssen
Tel: 0346-55 47 03
Fax: 0346-56 07 64
Info@Schravenmade.nl

Schrijf u in voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief

advocaat utrecht high trust
envelopephone-handset
Share This
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram